Lekker trainen is het doel

Lekker trainen

Lekker trainen, gewoon omdat je even geen doel hebt, maar wel vooruitgang wil blijven boeken.
Wat ik inmiddels wel geleerd heb, is dat drie keer in de week hetzelfde rondje dan geen zoden aan de dijk zet.
Je moet blijven variëren, in afstand, in snelheid, maar ook in de route om zo verveling te voorkomen.
Twee keer in de week een rondje is te weinig om je conditie en snelheid te verbeteren, drie keer is daarom minimaal, maar het liefst loop ik nog steeds vier keer in de week.

Snelheid verbeteren

In eerste instantie wilde ik vanaf nu mijn tien kilometer snelheid gaan verbeteren. Dat wil ik overigens nog steeds en dus ging ik het tien kilometerschema van sportrusten volgen. Maar aan het eind van het schema ontdekte ik na wat analyse dat mijn omslagpunt misschien wel te hoog was ingeschat. Het omslagpunt is het punt waarop je begint te verzuren. De afstanden moest ik op dat punt lopen, maar mijn geschatte omslagpunt bereikte ik nooit.
En dus heb ik dat tien punten naar beneden bijgesteld. Ineens kon ik wél vijf kilometer op mijn omslagpunt lopen! En ik werd na een week ietsje sneller.
Dat bleek dan beter te kloppen en dus had dat schema niet helemaal bereikt wat ik wilde. Dat lag niet aan het schema, maar wel aan mijn omslagpunt.
Maar om nu weer opnieuw helemaal het schema te gaan lopen, daar had ik niet zo’n zin in.

Doel

Voor de komende periode heb ik geen vastomlijnd doel waar ik naar toe werk. Ik loop mijn afstanden en zorg dat ik ten allen tijde een 10 kilometer of 15 kilometer run mee zal kunnen doen, omdat ik gewoon goed getraind blijf.
Maar in die zomermaanden echte runs vastleggen, daar begin ik niet aan. In de hitte lopen is nou eenmaal niet mijn sterkste kant. Hoewel ook dat steeds beter gaat.

Dus doe ik nu een beetje freewheelen. Minimaal één keer in de week loop ik een 12 kilometer rondje op marathonhartslag en neusademhaling, zodat ik rustig en ontspannen train. Twee keer in de week probeer ik korte afstanden te lopen, soms op omslagpunt en soms op maximale hartslag. En mocht ik dan een dag extra tijd hebben, dan doe ik lekker waar ik zin in heb. Meestal is dat een tien kilometer op intensief tempo. Op die manier train ik wisselende afstanden, wisselende tempo’s en rondjes en blijf ik all roudn getraind. Totdat in het najaar de halve- of hele marathonschema’s weer in gaan.
Zo houd je het hardlopen leuk en je lijf getraind.




Nieuwe doelen om focus te behouden

Nieuwe doelen

Als hardloper is het belangrijk om nieuwe doelen te hebben waar je naar toe werkt.
Heb je die niet, dan val je in een gat. Dat is wat ik op dit moment om me heen heel veel hoor.
Dus is het zaak die nieuwe doelen te stellen. Want hoe ga je het komende jaar verder met hardlopen.

Natuurlijk doe ik het voor de fun, maar de drive wil ik zeker behouden.
De eerste weken na de marathon liep ik gewoon een beetje los. Lekker de afstanden die ik wilde in het tempo dat ik zelf wilde.
Maar inmiddels wil ik weer focus aanbrengen, want de conditie moet sowieso op peil blijven, maar het liefst nog verbeteren natuurlijk!
Ik ging op zoek naar nieuwe doelen, een jaarplanning rondom het rennen om ritme, maar ook rust te behouden.

Het nieuwe plan

Omdat ik ook de volgende marathon volgens de Sportrusten methode wil gaan lopen, vind ik het belangrijk die methode nu dus ook toe te blijven passen.
En gelukkig hebben ze ook een tien kilometer schema én een schema voor de halve marathon. Allen gebaseerd op die 100 dagen.
Mooi, als ik dat beiden volg zijn er alweer 200 dagen voorbij en is het tijd voor het marathon schema.

Dat wordt de nieuwe planning voor dit jaar. Eerst mijn tien kilometertijd verbeteren volgens het sportrusten schema. Tussendoor wat loopjes inplannen van om en nabij die afstand.
Vervolgens ga ik door met de halve marathontijd en daarna weer richten op de marathon van Rotterdam.

Strakke planning of toch niet?

Om het ritme vol te houden, werkt het voor mij het beste de dagen vast in te plannen in mijn agenda. Afspraken plan ik dan op tijden dat lopen ook nog gewoon mogelijk is.
Niet dat de afspraken niet belangrijk zijn, maar juist door het lopen krijg ik meer energie en motivatie voor de rest van mijn werkzaamheden.
Plannen dus alsof het belangrijke afspraken zijn. En dat zijn het feitelijk ook, afspraken met mij zelf.

Uiteraard kun je wat makkelijker afwijken van je schema als je niet in een marathon voorbereiding zit. En dat geeft voor het gevoel wat rust.
Tot nu toe is het echter nog niet voorgekomen dat ik wil smokkelen.
Het schema werkt gewoon goed voor mij en is prima vol te houden. Sterker nog, ik krijg steeds meer energie en ben tot meer inspanning in staat.

Eerst de 10K verbeteren

Voor nu is het tien kilometer schema aan de orde. Dat zijn korte loopjes op hoge hartslag.
Ik ben niet van de korte loopjes en ook niet van de hoge snelheid oftewel het stuk gaan.
Dit schema is voor mij dus minder leuk. Om de nieuwe doelen toch vol te houden, plan ik elke week ook een duurloop van 12 á 14 kilometer in. Die vind ik namelijk wel leuk.
De korte loopjes heb ik inmiddels ook al met 1,5 keer de afstand verlengd. Ten eerste omdat ik die 10 kilometer al lang in de benen heb, maar ten tweede vooral om het nog een beetje leuk te houden. Hoewel 9 kilometer op je omslagpunt rennen ook best afzien is.

Het prettige aan deze periode vind ik, dat ik me ook af en toe eens kan inschrijven voor een loop, zonder dat ik extra hoef te trainen. Alle afstanden zijn inmiddels makkelijk haalbaar en dat geeft zelfvertrouwen. De snelheid is een ander verhaal, maar daar werk ik aan.
Het belangrijkste vind ik om tijdens de lopen te oefenen met de rustige start en echt mijn eigen snelheid te gaan lopen op rustige hartslag.
Om op die manier de controle te krijgen over de ontsteking in mijn lijf die eerder roet in het eten strooide.
Kortom, nieuwe doelen om aan te werken en die het hardlopen zo leuk maken!




Nieuwe doelen

Nieuwe doelen

Nieuwe doelen stel ik altijd om het hardlopen vol te blijven houden. Natuurlijk vind ik het ontzettend leuk om te doen, anders zou ik er nooit zo lang mee bezig zijn, maar nieuwe doelen stellen helpt echt om de discipline vast te houden.
En ik vind het heel belangrijk om in beweging te blijven. Het zou zonde zijn als ik nu alles liet versloffen, terwijl mijn lijf op dit moment tot lange afstanden in staat is.
Dus is het zaak die conditie en die kracht vast te houden.

Eerste nieuwe doel

Mijn eerste doel is het verbeteren van mijn tijd op de 10 kilometer.
Toen ik met het 14 kilometerschema van sportrusten begon, kon ik dat met moeite in 66 minuten. Eigenlijk iets te lang voor het schema. Na twaalf weken kon ik het in 59 minuten, dat was al een stuk beter!
Terwijl ik oefende voor de marathon en niet voor een snelle 10 kilometertijd.
Nu heb ik het boek ‘De hardlooprevolutie’ er dus weer bij gepakt en de komende 100 dagen ga ik met de sportrusten methode aan de slag om mijn tijd te verbeteren.
Het liefst terug naar de 50 minuten waarin ik het vroeger ook kon. Of dat gaat lukken, zal moeten blijken.

Twee nieuwe doel

Het volgende doel van mijn nieuwe doelen lijstje zal dan waarschijnlijk de halve marathon tijd worden, immers, ik heb dan nog tijd zat, voordat het 100 dagen schema voor de Rotterdamse marathon weer ingaat.
Tussendoor wil ik ook de leuke lopen mee pakken. Vorige jaar deed ik de Ladiesrun en de Bruggenloop, maar dit jaar wil ik er wat meer mee pakken. Simpelweg omdat ik de loopjes ontzettend leuk blijk te vinden. En om mezelf te oefenen ook tijdens prestatielopen mijn hartslag onder controle te houden.
Dus weet iemand een leuke loop, laat het vooral weten!

Derde nieuwe doel

Het derde nieuwe doel is al duidelijk natuurlijk. Die Rotterdamse marathon gaat weer gelopen worden.
Omdat het zo gaaf was en omdat ik nu weet wat ik anders zou kunnen doen om hem wel uit te lopen. Mits mijn fysiek mee werkt natuurlijk.
Om die reden wil ik ook sneller leren lopen. Nu lag de druk voor mij bij het feit dat ik niet zeker wist of ik het binnen te tijd zou halen.
Achteraf gezien had ik het zeker gehaald, als ik mijn eigen tempo had gelopen. Die druk wil ik nog meer verminderen door het komende jaar sneller te worden.
Zodat ik meer rust en zekerheid heb dat dat het probleem in ieder geval niet zal zijn.
En aangezien ik tijdens de 100 dagen sportrusten PR na PR liep, weet ik zeker dat er meer in zit!

Tijd voor deze nieuwe doelen dus, zodat ik mezelf versterk en verbeter en volgend jaar een mooie tijd kan neerzetten tijdens de Rotterdamse marathon.





Zwarte gat of gewoon door?

Zwarte gat

Voordat de marathon van start ging, was ik bang voor het zwarte gat wat daarna zou komen.
Je leeft tenslotte een heel jaar naar zo’n evenement toe waarvan de laatste 100 dagen heel intensief.
Elke dag ben je, denk je en leef je de marathon totdat het eindelijk zover is.
Maar wat als het voorbij is? Vind je dan nog de motivatie om door te gaan. Vaak hoor ik mensen zeggen dat het plezier in hardlopen een beetje verdwijnt.
Dat hoopte ik vooral niet, want ik loop niet hard om de marathon te lopen. Ik loop hard, omdat het zoveel voor mij doet!
Dus dat zwarte gat, ik zag er een beetje tegenop.

Na de marathon

Hoewel ik niet finishte was de teleurstelling niet groot.
Ik heb de meeste dingen juist aangepakt en weet precies waar het aan lag. Dat is één dingetje waar ik dan nog aan moet werken.
Het gevoel dat overheerste was vooral terugkijken naar wat ik in een jaar gedaan en bereikt heb! En dat vervulde me met een groot gevoel van tevredenheid.
Dat zwarte gat was dus niet te bekennen en daar was ik wel heel blij om.
Als ik terugkijk zie ik vooral dat ik in december mijn eerste grote loop liep, de Bruggenloop van 15 kilometer. Vervolgens in februari een halve marathon, krom van de spierpijn de dag daarna, maar ik had het gedaan.
Om op de dag van de marathon dan de 29,5 te lopen en met vol verstand te kunnen zeggen dat het dat voor die dag maar moest zijn. Met minder spierpijn dan na de halve marathon, dus progressie!
En nee, ik ben echt geen mrs. positivo die alles probeert positief om te buigen, maar dit is hoe het voelt. Die marathon kwam net iets te vroeg, ik had beter eerst nog wat grote lopen kunnen doen om te wennen aan de sfeer van zo’n run. Maar dat is achteraf.

En door!

Met die les in mijn achterhoofd ben ik daags na de marathon aan het plannen wat ik wil. Dat zwarte gat is er niet, ik heb gewoon zin om door te gaan met lopen.
Eerst ga ik mijn 10 kilometertijd verbeteren, want dat geeft wat meer rust om zeker te weten dat bepaalde afstanden binnen de tijdslimiet haalbaar zijn. Nu gaf dat nog veel onrust, haal ik het wel of niet? En dan loop je in het begin dus harder dan handig.


Mijn veertien weken training om die 10 te verbeteren staan alweer gepland, want ook dat ga ik volgens sportrusten doen. Die methode heeft me zoveel gebracht het afgelopen jaar dat ik zeker weet dat dat voor mij het juiste is om te doen. Zodra mijn 10 kilometer verbeterd is, ga ik weer door met het veertien kilometerschema en ondertussen pak ik de loopjes mee die me leuk lijken en waar ik echt de tijd voor heb.
Gewoon lekker ontspannen rennen.
Om dan tegen de tijd van de inschrijving eens te kijken of ik de marathon Rotterdam op 5 april 2020 ook weer ga doen. De 40ste editie, dat klinkt wel mooi!
Dus het gevreesde zwarte gat is gelukkig voor mij nergens te bekennen. En voor wie het zwarte gat wel herkent, hoop ik dat het plezier in lopen snel terug komt, want het brengt je zoveel!

Pré marathon stress

Pré marathon stress

Zo noemen ze dat dus, pré marathon stress, die niet aflatende onrust in je lijf als je nog maar een week te gaan hebt tot het echte werk.
Een hartslag die steeds meer lijkt op te lopen en ineens lijkt het alsof er overal pijntjes ontstaan. Continu die angst dat je tóch een blessure hebt.
Om die vervolgens meteen de kop in te drukken, want daar heb je echt geen tijd voor. Er moet gelopen worden! In iets mindere mate dan voorheen waardoor je sporthorloge je ineens vertelt dat je in ondertraining zit.
Wat?! Help! Ondertraining?! Nee, dat kan niet. Ik moet opbouwen, 42 kilometer kunnen rennen!
Die pré marathon stress dus, ik wist niet dat er een term voor was.
Nu ik het weet, weet ik dat ik er last van heb.

Hoe bewaar je de rust?

Op dit moment heb ik werkelijk geen idee.
In mijn achterhoofd weet ik dat ik er alles aan gedaan heb om voorbereid aan de start te staan. Ik weet ook, daar ben ik echt wel van overtuigd, dat het me gaat lukken. Mocht dit niet zo zijn, weet dan dat ik me ergens een week zal verstoppen om eerst even uit te balen.

Om de pré marathon stress de baas te blijven, vond ik dit een mooi moment om te beginnen aan het 30 dagen ademen programma van Sportrusten. Gewoon even tot mezelf komen nu ik daar ook weer wat meer tijd voor heb. Die hartslag onder controle houden en de rust bewaren.

Vanmorgen begon ik er mee. Twee ademhalingsoefeningen moest ik uitproberen. Mijn hartslag ging meteen de lucht in….
He, dat was niet de bedoeling. Ik moest er rustiger van worden, toch?
Misschien was de focus op mijn ademhaling net even iets te veel. Zodra ik weer rustig mijn blogs zit te typen, daalt mijn hartslag naar normalere waarden.
Blijven oefenen dan maar, het zal best helpen de komende week.

Laatste voorbereidingen

De laatste voorbereidingen zijn ook in gang gezet. De toeschouwers die me komen aanmoedigen worden in kaart gebracht en op steeds meer plekken langs de route blijkt wel iemand te staan. Hoe fijn is dat!
Degene die me gaat bevoorraden als dat nodig mocht zijn komt langs om een strategie af te spreken. De route zit in mijn hoofd en de tijden die ik moet halen ook wel zo’n beetje.
De parcourslimieten die bij de digitale route genoteerd staan zorgen wel voor een beetje stress, maar als ik het iemand laat uitrekenen die géén dyscalculie heeft, blijkt dat gewoon heel goed haalbaar te zijn.
Dus hoezo pré marathon stress! Het is gewoon niet nodig. In december zat ik op een niveau dat het nog helemaal niet haalbaar was! En nu, nog geen 100 dagen later, gaat het gewoon lukken met een vrij ruime marge.

Vandaag nog een training, eigenlijk doe ik dat altijd in de ochtend op een nuchtere maag. Maar vandaag wordt het een warme dag en dat is het tijdens de marathon misschien ook wel. Dus als voorbereiding op hogere temperaturen ontbijt ik eerst op mijn gemak, hou de tijd tussen ontbijt en lopen op dezelfde als volgende week en dan ga ik heerlijk trainen.
Vervolgens dat vieze glaasje bietensap naar binnen gooien, want ja dat schijnt echt te moeten en dan ben ik er toch wel weer klaar voor!

De kou strooit roet in het eten

Winter kou

Winter kou, ineens is het er. Koning Winter is binnengetreden.
Het seizoen waar ik altijd om stond te trappelen, gewoon omdat het zo genieten is. Die winterse kou met zijn prachtige taferelen.
Dat je daar ineens anders over kunt gaan denken blijkt als je een marathon schema volgt.

Ik kan er niet tegen

Mijn lijf kan niet tegen kou. Mijn lijf kan ook niet tegen warmte en voorheen staakte dan ook al mijn trainingen tijdens extreme weersomstandigheden.
Totdat ik het lopen op hartslag ontdekte. Ineens kon ik de hele zomer door rennen, langzamer dan normaal, maar ik rende wel.
Daar hoopte ik in de winter ook op, maar inmiddels weet ik beter.
Geen ademhalingsoefening of thermo kleding of voedingsadvies kan mijn lijf wapenen tegen kou.
Het staakt gewoonweg. Niet meteen, maar wel na niet al te lange tijd.

De training in de kou

Sinds gisteren weet ik dat zeker. Omdat er een 10 K voluit op het schema stond.
Ik was al niet fit, maar ja die 10 K kon ervoor zorgen dat ik misschien op hogere hartslag kan gaan trainen dus ik was gebrand hem te lopen.
Het eerste wat ik deed was temperaturen, want lopen met koorts is een no go.
Dat kan gevaarlijk zijn voor je hart. Ik ben heel eigenwijs, maar mijn hart bescherm ik goed. Ik had geen koorts, alleen een beetje slapjes. Dus lopen kon ik wel.

Ik moest voluit en ik ging voluit. Goed beschermt tegen de kou ging ik op pad.
7 K hield ik het voluit vol, conditioneel had ik dat nog langer gekund.
Maar mijn benen hielden het voor gezien. Door de kou stroomde er geen bloed meer naar toe, ze werden stijf en gingen tintelen.
Normaliter word je warm door beweging. Mijn lijf niet. Mijn bovenlijf wel, maar het onderstel verstijfd.

Werkelijk geen stap kon ik meer rennen. Wandelen nog wel.
Mijn 10 K tijd dus maar bij benadering uitgerekend en tot de conclusie gekomen dat ik op dezelfde hartslag blijf trainen.
Helaas, maar misschien kan ik de training ruilen met die van het einde van de week, de 7 K intensief. Dan kan ik alsnog 10 K voluit. Ja, je wordt wel creatief met zo’n marathonschema.

Vervangend trainen dan maar

Dat wordt de komende dagen dus binnen trainen.
Op zo’n vreselijke loopband die ik nog heb uit de tijd dat ik astma aanvallen had en echt niet naar buiten kon.
Voor korte afstanden voldoet hij prima, voor interval ook.
Maar voor een 12 K op marathontempo die nu op het programma staat lijkt het me hel.
Maar het moet gebeuren, ik volg nou eenmaal een schema.
Op de loopband en naar de geestdodende muur staren dan maar, want buiten gaat de komende dagen niet lukken.
Gelukkig las ik net op tijd een artikel dat een loopband minder efficiënt traint, zo voelt het ook, dan buiten. Maar als je hem op 1% stijgingspercentage zet, het dan toch vergelijkbaar is. Dat gaan we dan maar doen. Goede muziek op en gaan. Want lopen zal ik!
Het is de eerste keer in mijn leven dat ik als wintermens verlang naar het moment dat de winter voorbij is.
Wat een marathonschema al niet met je kan doen…..




Trainen, trainen, trainen

Trainen volgens sportrusten schema

Inmiddels start ik met week 4 van het sportrusten schema. Onvoorstelbaar hoe snel dat gaat en hoe snel de marathon dus ook dichterbij komt.
En daarmee af en toe de spanning of ik het wel echt ga halen.
Het is echt ontzettend leuk om voor zo’n doel te trainen. Waar je normaal op zondagochtend jezelf nog eens lekker omdraait, moet je nu echt wel aan de bak.
In het boek ‘de hardlooprevolutie’ zeggen ze dan wel dat je best af en toe een training mag overslaan, maar zo zeker voel ik me nog niet om dat ook echt te doen. Dus ook na een zeer gezellig en vooral laat feestje, zie je mij de volgende dag braaf mijn rondjes draven.

Planning

Het draait allemaal om plannen. Het schema staat in het boek volledig uitgeschreven. Soms moet je echter toch het één en ander omgooien om het kloppend te krijgen. Ik heb niet op alle dagen uit het schema tijd dus verplaats je dan wel eens een training.
Het belangrijkste is dat er balans blijft tussen rusten en trainen. Vier dagen achter elkaar trainen is niet goed voor je herstel.
Je wordt immers beter tijdens je herstel.
Dus elke week plan ik van te voren in wanneer ik tijd zou hebben om te rennen. Aangezien ik een ochtendrenner ben, plan ik andere afspraken daar de komende periode omheen.
Gelukkig is er een dag in de week dat je heel rustig traint en meestal maar zo’n 5 km. Die training plan ik op een werkdag. Als ik uit het werk komt meteen de sportkleding aan, hond mee en samen rennen.
Dat scheelt tijd en zorgt ervoor dat de hond ook een nieuwe uitdaging heeft waar hij lekker zijn energie in kwijt kan.
Een onverwachts bijkomend voordeel van sportrusten.

Hoe gaat het nu?

Het trainen vind ik heerlijk. Ik krijg feeling met het lopen op hartslag en ook mijn rusthartslag wordt steeds lager, waaruit blijkt dat je conditie verbetert.
Heel veel sneller word ik voor mijn gevoel nog niet. Ik moet dan ook oppassen niet continu te willen uitrekenen of ik het wel ga halen binnen de tijd. Dat is nog steeds de grootste uitdaging ben ik bang.
Je wordt door deze manier van trainen ook een stuk fitter en actiever. Elke dag heb ik wel zin om te bewegen, niet bewegen is geen optie meer.
Dan is het belangrijk in de gaten te houden dat je niet teveel doet, want dat is niet goed voor je herstel. En dan blijkt dat ik af en toe ook ineens relaxt op de bank ga hangen, iets wat ik eerder nooit deed.
En nog een bijkomend voordeel is dat ik steeds beter slaap. Waarschijnlijk door de ademoefeningen die ook bij sportrusten horen.

Nadenken over de dag zelf

Inmiddels bedenk ik ook af en toe hoe dat tijdens de marathon zelf moet gaan.
Qua sportvoeding, maar ook qua support, want dat zal ik zeker nodig hebben. Er zullen genoeg bekenden langs de route staan, maar ik wil graag wat vaste mensen die me even oppeppen als ik dat nodig heb.
Er zijn al een aantal toezeggingen van vrienden, buren, collega’s dus dat gaat vast helemaal goed komen.
Maar mocht je het ook leuk vinden me te steunen, spreek dan even met me af waar je ongeveer staat. Dat scheelt voor mij een heleboel, als er op vaste punten wat moed ingesproken gaat worden.
Want spannend blijft het wel, waarschijnlijk alle komende weken nog en ik kan alle support heel hard gebruiken!

100 dagen sportrusten is in gegaan!

100 dagen sportrusten

Zoals de regelmatige bezoeker inmiddels wel weet, bereid ik me voor op de Rotterdamse marathon op 7 april.
Mijn eerste marathon ooit.
Door middel van de sportrusten methode train ik voor dit evenement. Sportrusten begint altijd 100 dagen voor de marathon.
En dat betekent dat de 100 dagen op 28 december zijn in gegaan. Vanaf nu train ik 4 keer per week korte afstanden tot de dag dat ik de 42,195 kilometer ga lopen.

Druk

Heel eerlijk moet ik bekennen dat ik nu de druk begin te voelen.
Al een jaar wist ik dat ik het zou gaan doen volgens deze methode.
Voorzichtig pakte ik af en toe wat trainingen op ademhaling mee om er aan te wennen.
Maar nu is het echt, over inmiddels minder dan 100 dagen is het zover. Dan moet ik er staan en zou het moeten gaan lukken.
Die 1ste dag van de 100 voelde als een mijlpaal, alsof het startsein eindelijk was gegeven. Maar meteen was er ook die druk.
Vooral toen ik mijn enthousiasme in een hardloopgroep deelde en vele mensen mij adviseerden het toch vooral niet te doen, voordat ik meerdere halve marathons had gelopen.

Gewoon doen

Omdat ik het nog nooit gedaan heb, ga ik het gewoon maar doen.
Iets anders zit er niet op, vergelijkingsmateriaal heb ik niet.
Wat ik nog wel moet leren is om die tijden los te laten.
Stiekem heb je allemaal een eindtijd in je hoofd waarmee je over de finish wil komen.
Maar die is na elke training anders. Niet de eindtijd die je hoopt, maar wel de eindtijd waarmee je na dit gelopen rondje over de finish zou komen. Mits je constant loopt.
Elke keer reken ik na de training uit hoe snel ik dan vandaag zou zijn. Terwijl de benaderde eindtijd gewoon in het boek wordt uitgelegd, dus ik wéét het al lang.
Dus heeft het zin? Welnee! Alles is afhankelijk van de omstandigheden van de dag, van je lijf en van alles waar ik nu niet aan denk.

Dus maar gewoon het sportrusten schema volgen en zien hoe ver ik kom.
Hoe moeilijk ik dat ook vind, want stiekem wil ik toch nog ergens binnen nu en een paar weken een halve marathon lopen.
Met meteen de gedachte in mijn achterhoofd, dat ik daar ook weer van moet herstellen.
En hoeveel tijd kost dat? En wat doet dat met mijn training?
Kortom, sinds afgelopen vrijdag ben ik alleen nog maar bezig met die 100 dagen en wat ik in die tijd moet en wil kunnen.
Dat zal langzamerhand wel weer wegebben, maar lastig is het wel.

De omslag is daar!

De omslag

De omslag, dat punt wat je wilt bereiken om door te kunnen. Als je het herkent, weet je meteen ook hoe moeilijk dat is.
Je kent namelijk allemaal wel dat punt dat je vastloopt.
Dat je niet vooruit gaat, maar ook niet achteruit. Je blijft simpelweg hangen.
De groei is er uit, je wilt verder ontwikkelen, maar zit op een dood punt.
Met hardlopen heb je dat punt ook, tenminste ik had dat wel.
Had, gelukkig. Volgens mij ben ik er nu eindelijk doorheen.

Training

Al sinds april weet ik dat ik de marathon wil lopen en dat ik dat volgens de sportrustenmethode wil doen.
Eén van de vereisten is dat je de 10K binnen het uur kunt lopen.
En dat kon ik nog niet toen ik bedacht het op deze manier te gaan doen.
Sterker nog, na zes maanden trainen kon ik het nog steeds niet. Terwijl ik het jarenlang wel heb gedaan.
Ik bleef maar hangen en werd niet sneller en zeker nog niet snel genoeg.
De trainingen die ik deed wisselde ik af, langzaam, snel, kort, lang.
Maar die omslag bereikte ik echt niet. Daar sprak ik niet over, want iedere loper wéét dat je de 10K binnen een uur moet lopen om sportrusten te kunnen doen. Doe je er langer over, redt je de finish gewoon niet binnen de vastgestelde tijd.
Steeds kon ik het niet en toch bleef ik stug vasthouden aan sportrusten.

De omslag is daar!

Vanaf vandaag heb ik nog anderhalve week totdat 100 dagen sportrusten in gaat.
Ik besluit gewoon een rondje van 10K te gaan rennen zoals het goed voelt.
Harder dan gebruikelijk en misschien zelfs wel tot de grens, ik zie het wel.
Het was een heerlijk rondje, ik heb niet op mijn hartslagmeter gekeken, want inmiddels voel ik zelf wel wat gaat en wat niet en waar ik ongeveer zit. Ik liep gewoon lekker met de verwachting gewoon weer net zo snel te lopen zoals altijd. Elke keer als ik harder liep, dacht ik die omslag nu echt bereikt te hebben en elke keer was het een teleurstelling.
Dus liep ik gewoon lekker, het voelde als snel, maar ik hijgde niet en kon zo nodig nog wel een tandje harder.
En daar was ineens de omslag! De 10K binnen een uur was weer bereikt.

Euforie

Het euforische gevoel wat je dan hebt ik moeilijk te omschrijven voor mensen die niet lopen.
Mijn dag kan in ieder geval niet meer stuk, want ik heb mijn omslag bereikt.
Het gestelde doel voor deze periode heb ik vandaag bereikt, anderhalve week voor de start van het schema voor de marathon.
Ik kan het dus gewoon. Eigenlijk wist ik dat ook wel, ik voelde dat er meer in zat, het kwam er alleen niet uit.
Nog vier trainingen te gaan, die gaan allemaal op snelheid, want sinds ik twee keer 15K op hogere hartslag heb gelopen, ben ik ineens een stuk sneller.
Wie weet zit er de komende week nog een keer een PR in.
Daar waar ik normaal wars ben van het noemen van looptijden, merk ik dat ik het nu wel doe.
Simpelweg omdat mijn omslag bereikt is.
Dus tijd om weer en stapje verder te gaan!

Help, geen tijd om te rennen!

Geen tijd

Zo langzamerhand begint de periode te naderen dat de 100 dagen sportrusten in gaan.
100 dagen voor de Rotterdamse Marathon gaat het trainingsschema in. Het schema dat vier keer per week gedaan moet gaan worden.
Om daar alvast een beetje aan te gaan wennen, begin ik er nu alvast een beetje mee.
Althans, dat probeer ik. Want elke week dat ik het voornemen heb, komt er van alles tussen waardoor ik nog geen één keer het hele schema heb kunnen voltooien voor die week. Simpelweg geen tijd voor.
Daar baal ik zelf enorm van, want ik zou wel eens laten zien dat trainen voor de marathon ook prima kan met allerlei bezigheden naast die zware training.
En de eerste die afhaakt, ben ik dus zelf. Dat loopt nu nog niet volgens planning!
Misschien moet ik wennen, even er in komen. Dat hoop ik dan maar en dat is ook de reden dat ik al eerder oefen met het schema. Dingen worden pas na drie maanden een gewoonte ten slotte.

Hoe plan je dit?

Als echte ochtendloper sta ik graag vroeg op om mijn rondjes te rennen. En juist in deze periode heb ik veel vroege ochtendafspraken. Nu vind ik om zes uur opstaan echt geen probleem, maar op vrije dagen nog eerder opstaan om een rondje te kunnen rennen toch wel.

In eerste instantie besloot ik dan na mijn afspraken te gaan rennen. Deze week werkte dat echter niet. Ik schrijf portretten over mensen en als ik die mensen gesproken heb, wil ik het gesprek graag zo snel mogelijk als ruwe versie uitwerken. Vervolgens doe je de dingen in huis die je moet doen en je dag is al bijna om. In het donker rennen zou best kunnen, ware het niet dat wij laat eten in verband met de baan van mijn lief. En in verband met mijn eigen baan gaan we vroeg naar bed. Dus ’s avonds rennen wordt hem niet. Met een volle buik mag je niet rennen en vlak voor het slapen gaan is niet bevorderlijk voor mijn nachtrust.
Mijn baan begint om 7.15 uur dus voor het werk rennen, wordt hem ook niet.
Help! en nu?

Deze week besloot ik het los te laten. Het gevolg daarvan was dat ik helemaal niet gelopen heb.
Wel gefietst, naar mijn werk, dat wel. Fietsen telt als vogel kijken training dus volgens mijn logica heb ik stiekem toch twee keer getraind.

Niet wat ik wil

Maar het is niet wat ik wil.
Wat ik wil is het schema volgen en er voor gaan. Nu loop ik er al meteen tegenaan dat dat best heel moeilijk is qua planning.
Terwijl er tijd over zou moeten blijven volgens de sportrusten theorie. Maar dat is waarschijnlijk voor mensen met negen tot vijf banen…..

Ik besluit het volgende week anders aan te pakken. Zondag doe ik voortaan de lange duurloop, tenzij ik op zondag moet werken. Maandag pak ik de korte training, zodat ik gewoon mijn afspraken kan hebben. Woensdag doe ik dan nog een korte training na het werk en na het lopen met de hond en voordat ik ga koken…..zucht…..
Op vrijdag heb ik dan weer tijd voor een langere loop.
Het schema zegt echter hele andere dingen, precies kort op de dagen dat ik kan en lang op de dagen dat mij dat niet lukt.
Ter plekke besluit ik het schema te veranderen naar mijn eigen schema en bioritme. Het gaat om de afstanden die je loopt en de herstelmomenten en ik neem aan dat dat gelijk blijft, ook al gooi ik de volgorde om.