Hardloopschema versus dyscalculie

Hardloopschema

Het hardloopschema, sinds 28 december 2018 beheerst dit mijn dagelijkse leven.
Alles, maar dan ook alles, wordt gepland rondom dit schema.
Koffiedate? Prima, maar wel na elven, zodat ik eerst een rondje kan rennen.
Hond uitlaten? Moet ook gebeuren, maar dan wel rennend anders klopt mijn schema niet meer.
Gelukkig duurt dit schema maar 100 dagen, want anders zou je er nog obsessief van kunnen worden…..

Ondertussen draag ik dag en nacht een hartslagmeter. Ik monitor mijn activiteit en mijn slaap en probeer verbanden te leggen.
Precies, dat próbeer ik, want analyseren en rekenen behoren beiden niet tot mijn vaardigheden.
Dat maakt het allemaal ook wat stressvoller, want hoe kun je op hartslag of tempo lopen terwijl je dyscalculie hebt.
Dyscaculie? Dat is het onvermogen om te rekenen en logisch te denken. (en nog veel meer, maar ik ga niet alles opbiechten)
Mochten mensen die mij kennen nu verbaasd opkijken, dan ben ik heel blij, want dan heb ik al die tijd blijkbaar redelijk gefunctioneerd.

Dyscalculie als je hardloper bent

Het mooie is dat in het boek de “Hardlooprevolutie” alle schema’s en tijden zijn uitgewerkt.
Dus daar hoef je in principe helemaal niet zoveel mee, gewoon doen wat het boek je voorschrijft.
En dat probeer ik ook, van ganser harte.
Maar toch kan ik niet voorkomen dat ik continu hardlooptijden in mijn hoofd voorbij zie gaan. Dat is op zich helemaal niet erg, als je de tijden logisch kunt beredeneren. En daar ligt dus het probleem.
Dat kan ik niet. Ja, ik kan netjes op hartslag lopen, maar de bijbehorende tijden zorgen dan toch voor stress, omdat ik niet kan voorzien of ik het juist wel ga halen of niet. Want als ik het uit ga rekenen, zo halverwege mijn hardlooprondje, dan komt er een uitkomst en tien minuten later is de uitkomst van dezelfde som toch weer anders. Paniek!!
Het ene uur denk je de marathon in een supertijd te lopen, het volgende moment reken je opnieuw en ga je het niet eens halen.
Nooit, maar dan ook nooit eerder, zelfs niet tijdens examens op de HAVO of HBO, liep ik zo tegen mijn eigen dyscalculie aan als nu.
Andere mensen wel overigens, maar ik had er nooit zo’n last van.

Wat nu?

Wat nu? Tja, ik doe gewoon maar mijn ding en als mijn horloge na 12 K een mooie, stabiele curve laat zien, ben ik tevreden.
Inmiddels is er voor mij uitgerekend hoe snel ik elk rondje móet lopen om binnen de tijd binnen te komen. Maar dat is een statisch gegeven, zodra de rondjes (een rondje is 1 K) van tijd veranderen ook al is met het seconden, dan ben ik het spoort bijster.

Braaf kijk ik elk rondje wat de tijd is, ik weet waar ik rondom moet zitten, maar zodra er een uitschieter bij zit, slaat de paniek weer toe. Dan ga ik alle rondjes bij elkaar optellen, en geloof me, dat gaat fout!
De strategie tijdens de marathon moet voor mij feitelijk zijn om strak op de vooraf vastgestelde rondetijden te gaan lopen. En vooral niet proberen te gaan rekenen.
Maar ja, dat is uiteraard een utopie. Dus waarschijnlijk staan er mensen voor mij langs de kant die met een handgebaar aangeven of ik eronder of erboven zit. Hoe die dat uitrekenen of naar elkaar communiceren zal mij een zorg zijn, als ze er maar staan en de juiste gebaren maken.
Dan ga ik braaf mijn 42 rondjes rennen.